↑ Terug naar Handboek

Wedstrijd reglement

Wedstrijd reglement:

1. De puntenverdeling is als volgt: 20-18-16-15-14-13-12-11-10-9-8-7-6-5-4-3-2-1

Deze worden uitgereikt na minimaal 50% van de wedstrijd duur/lengte verreden te hebben.
De puntenverdeling voor de kwalificatie in alle klassen is als volgt: 5-4-3-2-1

Aan het eind van een seizoen wordt aan de hand van het behaalde aantal ronden een lijst op gesteld per klasse waarbij eveneens bovenstaande punten verdeling wordt toegepast.

2. Wanneer aan het eind van het seizoen een gelijke stand in punten is verkregen wordt er eerst gekeken naar het aantal 1e 2e en 3e plaatsen.

Wanneer er dan nog een gelijke stand is bereikt dan wordt gekeken naar het aantal ronden & baanvakken.

3. De rijders die tijdens een race niet hoeven te rijden worden door de wedstrijdleiding aangewezen om als baancommissaris te functioneren.

Tijdens de baanwissel in een race mag er niet aan de auto’s gewerkt worden, tevens mag de baan niet worden voorzien van lijm, mocht dit nodig zijn dan gebeurd dit door de wedstrijdleiding in overleg met de leden voor de kwalificatie.

4. De wagens worden tijdens de baan wissels alleen door de baancommissarissen overgezet!

Echter het blijft de verantwoordelijkheid van de coureur zelf, om toe te zien dat dit naar behoren gebeurt.

5. De auto’s worden vooraf gaande aan iedere wedstrijd ingeleverd bij de technische keuring en de auto’s blijven in het Parkferme tot de wedstrijd gereden is, en weer vrijgegeven worden door de wedstrijdleiding. E.a. in overleg met de technische commissie.

6. Voor de kwalificatie wordt de auto ingeleverd bij de wedstrijdleiding. De auto blijft in het bezit van de wedstrijdleiding.

Als er bij afkeuren bij de technische keuring, gesleuteld moet worden tijdens kwalificatie tijd, vervalt de kwalificatie tijd en zal men achteraan moeten starten.

7. De wedstrijdleiding/technische keuring is bevoegd een auto volledig te openen voor inspectie (steekproef).

8. De kwalificatie voor een wedstrijd bepaalt de startvolgorde voor een race.

De snelste rondetijd geldt daarbij als criterium voor de startvolgorde.
Tevens worden deze tijden bijgehouden voor het baan record.
De kwalificatie duur en baan wordt door de wedstrijdleiding bepaald.
Er kan afgeweken worden van deze opzet.

9. Bij negen deelnemers zal er met een instroom systeem, de vier snelste rijders gaan in de laatste heat en hiervoor wordt er gereden met 5 rijders waarvan er een instroomt.

10. Tijdens het baancommissarissen geldt wanneer er meerdere auto’s uitvliegen een inzet volgorde.

Wanneer een auto door een andere auto gehinderd wordt dan hoort de gehinderde auto als eerste te worden ingezet.

11. De rijders mogen niet tegen een baancommissaris roepen of schelden.

De rijder kan maar op 1 manier de wedstrijd onderbreken en dat is door TRACK te roepen.

12. Voor iedere auto geldt dat deze slecht door een persoon bestuurd mag worden, uitgezonderd langeafstandsraces.

Het is dus tijdens een sprintwedstrijd verboden om onderling van rijder te wisselen.

13. De wedstrijdleiding is bevoegd een deelnemer te sommeren zijn/haar auto te repareren als deze auto een “gevaar” vormt voor de baan of overige deelnemers.

14. Bij gelijke eindstand na een wedstrijd (lees: ronden & baanvakken) telt de kwalificatie tijd (ronde tijd) als eindstand in de wedstrijd.

15. Onduidelijkheden worden opgelost in overleg met hoofd TC. Suggesties worden door hem aan het bestuur gedaan.

16. In een competitie seizoen is er per klasse een wegstreepresultaat, inclusief de punten die zijn behaald in de kwalificatie van deze wedstrijd.

17. Protest tegen onofficiële uitslag dient op de dag/avond afgehandeld te worden. Uitspraak wordt gedaan door de wedstrijdleiding, technische commissie en een bestuurslid die niet belanghebbend zijn in de uiteindelijke uitslag.